Vijf minuten met Yentel Martens

Vijf minuten met Yentel Martens
Decrease Font Size Increase Font Size Text size Print

Grootspraak hoef je van Yentel Martens (26) niet te verwachten, maar wat de Rockstar Energy Husqvarna rijder de voorbije weken liet zien, is straffe kost. Volg mee: Yentel werd 4de in Le Touquet, de zwaarste strandrace ter wereld, hij won de Wintercross Groesbeek, het ONK MX1 in Heerde én het BK in Moerbeke. Logisch dus dat hij voor de ONK ronde van Axel komend weekend topfavoriet is. Dat verdient een interview!

Moerbeke leek wel een wedstrijd met twee gezichten. De eerste manche liep het soepel en makkelijk, in de tweede draaide het veel minder.
Yentel Martens:
“Dat was ook zo. Er was veel strijd in de eerste manche. Toen ik vierde zat, heb ik mijn wedstrijd goed ingedeeld. Ik zorgde ervoor dat Kahro, Grobben en De Dycker niet weg reden. Daarna heb ik toegeslagen. In de tweede reeks kwam ik snel op kop maar het gevoel was veel minder. Toen Ken langskwam, wilde ik aanpikken maar dat lukte niet.”

Op weg naar de reekszege in Moerbeke.

Jouw trainer, Joël Roelants, heeft er ook een goed oog in voor de rest van het seizoen.
Martens:
“Zo voel ik het ook aan. Kijk, een Enduropale meerijden, hakt er écht wel flink in. Vooraf heb je die specifieke voorbereiding waarbij je constant kilometers doet in Duinkerke. Als je ‘m hebt uitgereden, voel je nadien toch dat je diep bent gegaan. Da’s toch een maand dat je dat effect moet ondergaan. Op training gaat het rijden goed en kan ik lang doorgaan. In een wedstrijd heb ik het gevoel dat ik explosiviteit mis maar dat komt zeker terug. En ja, dat ik nu al win ook al is het gevoel nog niet top dat is natuurlijk veelbelovend!”

Wat is door de samenwerking met Joël het verschil in aanpak voor jouw training?
Martens:
“Welke training? (lacht) Nee serieus, eigenlijk train ik nu pas voor het eerst met een echte structuur en een doelgericht programma. In november had ik ‘m gevraagd of hij het zag zitten om mij te trainen. Daar heeft hij gelukkig positief op geantwoord. En dat werkt uitstekend. Alle dingen die Joël heeft aangegeven, blijken uit te komen. Ik heb dan ook mijn beste winter ooit achter de rug.”

Eigenlijk moet je er pas staan als het EMX300 kampioenschap begint. Vorig jaar werd je vicekampioen nu ga je resoluut voor de titel
Martens:
“De EMX300 is inderdaad één van mijn doelen, maar dat begint pas op 21 mei. En het is een kampioenschap over zes wedstrijden. Voor mij zijn de Dutch Masters of Motocross eigenlijk even belangrijk. Daar wil ik er ook zeker staan. Het is een mooi kampioenschap met een hoog niveau. Ik wil bewijzen dat ik tot echt tot de subtop van de wereld hoor! Met alle internationale rijders die uitkomen in de Dutch Masters is dat een mooie uitdaging.”

Sinds enkele maanden wordt Martens getraind door Joël Roelants.

Voor wie nèt onder de wereldtop zit, is het niet eenvoudig om uit te blinken. Veel mensen onderschatten jou waarschijnlijk.
Martens:
“Als je niet constant in de MXGP of MX2 mee rijdt, vallen de resultaten ook gewoon minder op. Dat is nu éénmaal zo. Naargelang hoe ik me voel wil ook wel in Valkenswaard meedoen. Of in de MXGP of in de EMX250. Maar als ik op dat moment niet top ben, heeft het zelfs geen nut om MXGP te rijden!”

Je was amper 16 toen je al op een 450 stapte. Daardoor heb je een beetje een omgekeerde carrière gemaakt door pas nadien in lichtere klassen te rijden.
Martens:
“Tja, hoe gaat dat? Ik was zelfs maar 15 denk ik toen ik voor het eerst 450 reed. Ik vond dat meteen een heel fijne motor en dat was wat ik wilde doen. Achteraf bekeken zou ik dat nooit opnieuw doen! Dat was geen slimme keuze van mij. Gewoon stap voor stap opbouwen: 125cc, 250 Europees, dan MX2 en naargelang je niveau doorgroeien naar MXGP of internationale MX1 wedstrijden. Dat is de meest logische en beste weg.”

In het EMX300 kampioenschap gaat Yentel voluit voor de titel.

Jouw lichaamsbouw speelde waarschijnlijk ook een rol. Je bent groot net zoals jouw pa (red. Oud 500cc wereldkampioen Jacky Martens)?
Martens:
“Dat gebruikte ik misschien eerder als excuus (grijnst). Door die piramide die ik net heb aangegeven te doorlopen word je gewoon een vollediger piloot. Op die manier kom je beter gewapend in de 450 terecht. Technische kwaliteiten zijn trouwens maar één aspect. Weekend na weekend verloren worden gereden, niet kunnen volgen is gewoon heel demotiverend en het ondermijnt je zelfvertrouwen. Pas toen ik in 2014 de Belgische MX2 titel pakte met Vamo Racing kreeg ik weer mijn zelfvertrouwen terug. Ik kreeg ook opnieuw plezier in het rijden zelf.”

Met een 6de plaats in 2016 en een 4de nu is het ook duidelijk dat er voor jou in Le Touquet kansen liggen.
Martens: “Zeker! Ik weet dat ik daar kan meedoen voor de prijzen. De komende jaren wil ik in Le Touquet voor de overwinning rijden.”

Normaal rijd je op de 450. Hoe verloopt de voorbereiding op de EMX300 dan?
Martens:
“Dat is toch beperkt hoor. In de aanloop naar Teutschenthal (red, de eerste EMX300 ronde) zal ik misschien wel enkele wedstrijden rijden. Dat moet volstaan!”

Braaap-time op de tweetakt!

Foto’s: Plan-B, shotbyBavo

 

Uw reacties