Interview met Freek van der Vlist (Creymert Racing)

Interview met Freek van der Vlist (Creymert Racing)
Decrease Font Size Increase Font Size Text size Print

Alleen het resultaat telt en je bent maar zo goed als je laatste wedstrijd. Soms zou het echter handig zijn om een asterisk te plaatsten bij een resultaat. Dat doen wij bij deze voor Freek van der Vlist . In Valkenswaard toonde de Creymert Racing rijder top-10 snelheid maar hij kreeg er ook met flink wat pech kreeg af te rekenen. De 21-jarige rijder uit Apeldoorn boekte dit seizoen al successen met ONK-zeges in Axel en Mill. Allemaal leuk en aardig maar Van Der Vlist heeft duidelijk meer in zijn mars!

Een Nederlands toptalent. Met dat etiket reed Freek lang rond. In 2013 reed hij naar de Open Nederlandse titel in de 125cc, hij won de EK ronde van Assen en werd 6de in de EMX125 eindstand. Na het Kemea Reytec VdLaar Yamaha Team verkaste hij naar het HSF Logistics. In zijn eerste jaar EMX250 werd hij 12de in de eindstand, in 2015 deed hij één plaats beter en pakte het podium in Assen. Vorig jaar, waarin hij 26ste werd, in het WK MX2, bracht niet wat hij er zelf van verwachtte en zo is 2017 een jaar van de waarheid…

Hoe kijk je terug op de GP van Valkenswaard?
Freek van der Vlist: “Over het hele weekend bekeken was ik zeker niet tevreden hoewel de snelheid goed was. Bij alle sessies zat ik er goed bij: 9de in de vrije training, 13de in de tijdstraining en 4de tijdens de Warmup op zondag. In de kwalificatiemanche miste ik in het gedrum mijn start waardoor ik uiteindelijk pas 26ste werd. In de eerste manche viel ik twee keer buiten mijn eigen schuld. Telkens een rijder voor me die onderuit ging en die ik niet meer kon ontwijken. De eerste keer verloor ik zeker dertig seconden maar ik kon nog opnieuw in de punten rijden en toen kwam er met nog drie ronden te gaan weer iemand ten val vlak voor mij. Echt balen. In de tweede manche had ik weer een heel slechte start. Ik kwam nog terug naar 15 maar mijn rondetijden zaten rond die van de 9de tot 10de plaats. Voor mij was het dus een teleurstellend weekend.”

Herkansing in Kegums volgende week dan?
van der Vlist: “Elk jaar is heel anders in Letland. Soms is het er best hard en raar. Soms ligt de baan er daar heel zanderig en mooi bij. Afwachten dus.”

Dit was jouw derde GP want je reed eerder ook al in Trentino en Indonesië
van der Vlist: “ Klopt, ik heb Indonesië mee kunnen doen omdat we dat goed konden combineren met de eerste WMX wedstrijd van Shana (red. de zus van Freek). Het materiaal ging samen naar daar waardoor het financieel wel haalbaar was.”

Het tempo van Valkenswaard was geen verrassing voor wie je al eerder dit seizoen had bezig gezien. Op zich loopt het wel lekker?
van der Vlist:
“Die overwinning zoals in Axel en Mill zijn wel leuk maar dat is niet het niveau waar ik me moet bewijzen. Maar de eerste Dutch Masters in Oss was ook niet verkeerd. Twee keer kwam ik er terug na een slechte start. In Harfsen was ik ziek maar ik werd vijfde in de tweede manche. Daar heb ik laten zien dat ik eerste kwartier toch de snelheid van Brian Bogers en die jongens aan kon. Qua snelheid is het dus zeker niet slecht maar alle puzzelstukjes moeten in elkaar vallen. Hopelijk komt er dan nog een keer een mooi resultaat uit.”

Waar moet een goede Freek van der Vlist uitkomen?
van der Vlist: “Ik denk dat ik op dit moment thuis hoor rond de 12de, 13de plek. Daarvoor moeten wel alle puzzelstukjes in elkaar vallen. Hopelijk kan ik voor het eind van het jaar een paar uitschieters in de top-10 te hebben.”

Als toeschouwer lijkt het in ieder geval dat ook jouw motor competitief is.
van der Vlist: “Op zich hebben we het wel goed voor elkaar. Het team doet heel erg hun best en ook de motor is zeker niet slecht alleen moeten we nog aan de start werken. Motorisch komen we wel iets te kort. Nu wordt dat verschil met de start in de GP’s op een metalen plaat nog groter. Vroeger was er wielspin in het zand nu heb je daar onmiddellijk grip natuurlijk. Wij zijn nog aan het uitzoeken wat de juiste afstelling is want als je er in de start niet bij zit, is de kans op een echt goed resultaat verkeken.”

Je bent niet echt een fan van het nieuwe startsysteem?
van der Vlist:
“Toch wel. Alleen hebben fabrieksteams veel meer middelen om zich aan te passen en daar aan te werken. Bovendien hebben die fabrieksmotoren ook een stuk meer vermogen. Vroeger was het voordeel eerder beperkt door die wielspin in het zand en nu heb je altijd grip! Daarmee wordt het verschil met mijn motor of die van andere B-teams wel groter. Dat is in ons geval dus een nadeel.”

In kleinere teams zijn er niet alleen minder mogelijkheden voor ontwikkeling de rijders zijn ook meer op zichzelf aangewezen. Is dat voor jou ook zo?
van der Vlist:
“In principe ben ik voltijds met de cross bezig maar ik heb bijvoorbeeld geen trainingsmonteur. Daardoor doe moet ik mijn motoren zelf bijhouden. Daar gaat wel flink wat tijd inzitten. Door de wintermaanden probeer ik dan wel te werken omdat het financieel anders niet haalbaar is. Naast het crossen moet ik dus nog redelijk wat zelf regelen.”

Als je zelf veel aan de motor werkt, begrijp je ook beter wat er gebeurt. Dat is dan weer positief.
van der Vlist: “Ik weet zeker dat ik het qua afstellingen en dergelijke beter doe dan gemiddeld. Ook als het gevoel, bijvoorbeeld met de vering, niet zo goed is, kom ik er wel snel achter welke kant we uit moeten gaan. Soms komt die kennis ook van pas in een wedstrijd om toch nòg uit te rijden terwijl iemand anders de wedstrijd zou verlaten. Alleen is het op het hoogste niveau waar ik nu zit niet altijd een voordeel. Iemand die het niet kan die laten ze het niet zelf doen maar ik kan dan toevallig wel aan mijn eigen motor werken.”

Veel mensen zien jou als een typische Hollandse zandrijder, terecht?
van der Vlist: “Ik heb zeker wel progressie gemaakt op harde banen. Al zal ik uiteindelijk wel altijd een zandrijder blijven. Daar ben ik mee opgegroeid, en ik ben ook pas laat op harde banen beginnen rijden. Als ik veel op het harde rijd wordt het steeds beter. Maar als ik na lange tijd in het zand naar het harde moet dan heb ik er nog wel moeite mee.”

Jij en je zus zijn behoorlijk populair. Jullie hebben best wat supporters heb je daar een verklaring voor?
van der Vlist
: “Niet echt. Apeldoorn is best wel crossminded en er zijn inderdaad wel wat mensen die ons volgen. Hoe dat komt weet ik niet maar het is wel leuk natuurlijk!”

Het is best apart om samen met jouw zus op het hoogste niveau aan motorcross te doen?
van der Vlist:
“Op zich is dat natuurlijk super! Voor mijn ouders is het financieel wel moeilijk. Om als kind de ene naar het voetbal te doen en de andere gaat crossen da’s natuurlijk ook niks. Ik vind het hartstikke leuk als Shana het goed doet. Ook Shana heeft nog niet laten zien wat ze echt kan. Dat we het als familie zo ver hebben gebracht in deze sport daar ben ik wel trots op. We hebben het financieel niet breed of zo maar ik ben fier dat we altijd het uiterste uit ons zelf halen.”

Eigenlijk komt het er nu ook op aan om Freek van der Vlist op de kaart te zetten in de GP’s.
van der Vlist: “Ja het is voor mezelf nu wel een beetje het jaar van de waarheid zeg maar. Voor mij is het ook geen bodemloze put waar je elk jaar geld in smijt. Ik wil gewoon goed presteren zodat we het volgend jaar nog beter voor elkaar hebben. Dan denk ik aan alle gebieden: op het vlak van de motor, financieel, noem maar op. Natuurlijk hoop ik zo snel mogelijk een aanbod te hebben van een topteam om me daar te kunnen tonen.”

Brengt dat extra druk met zich mee, het feit dat je weet dat jouw ouders al hun tijd, energie en veel geld in jouw sport hebben gestopt?

van der Vlist: “Ik voel dat niet echt als druk, het is ook gewoon tijd nu om te presteren. Dat vind ik zelf ook. Ik heb gewoon twee jaar achter de rug waar ik ontevreden over ben. Wat de redenen ook mogen zijn. Het is gewoon tijd om te laten zien wie ik echt ben en wat ik echt kan. Ik heb super veel motivatie, ik weet dat ik fit ben en tegelijk probeer ik stappen te zetten op de vlakken waar ik niet super ben.”

Daar wensen we jou alle succes in, bedankt voor het interview!
van der Vlist: “Komt goed, graag gedaan!”

Foto’s: Eric Laurijssen (portretten), Huub Munsters

Uw reacties