Interview met cultheld Junior Slegers!!

Interview met cultheld Junior Slegers!!
Decrease Font Size Increase Font Size Text size Print

Nee, Junior Slegers (FMX4Ever-PPS exhausts) heeft zelf géén suggestie gegeven voor de bovenstaande titel. Wij van MXMag vinden Junior gewoon een cultheld! De zoon van uitlaatspecialist Pierrot Slegers –geboren als Pierrot Junior Slegers- is opgegroeid in de motorcross. Jan en alleman kent Junior en hij zit nooit verlegen om de toeschouwers te vermaken. Want als amateurcrosser draait crossen vooral om fun!

Van kindsbeen af loopt Junior in de paddock rond. En zelfs als jonge kerel had hij een oog voor topmateriaal. Misschien herinneren sommigen hem wel als dat gastje dat met een supervette, aluminium BMX zotte toeren uithaalde in het rennerspark! Dat de 23-jarige Slegers ook snel is en over de nodige ‘skillz’ liet hij al vaker zien. Vorige maand zorgde hij zowat voor een primeur, in Paal reed hij met zijn tweetakt naar een dubbele reekszege in de MX1 (#twostrokeisnotdead). In de tussenstand van het VMCF Inters A MX1 kampioenschap staat Junior dit seizoen gedeeld (samen met Dennis Wagemans) tweede, op 55 punten van Frederic Weigert.

Junior amuseerde zich opperbest in Australië!

Slegers is altijd al de man van de speciallekes geweest: vette jumps, een coole Instagram account, technische hoogstandjes in de EMX Race of Champions en de éénmalige Shox – Short Motocross in zolder, waarin hij derde werd na Ken De Dycker en Andy Truyts. Bovendien maakte Junior een tijdje terug een langgekoesterde droom waar: crossen in Australië. Stof genoeg dus voor een toffe babbel!

Hoe ben je in Australië terecht gekomen?
Junior Slegers: “Via mijn sponsor Moose (de bijnaam van Grant Covus van Spirit suspension). Hij kent me al heel lang en het is een vriend van de familie. Moose wist dan ook dat het mijn grote droom was om in Australië te rijden. Iedereen wilde naar Amerika, maar om de één of andere reden was de droombestemming voor mij altijd down under. Op een dag belde hij me op en hij vroeg zou je het zien zitten om in Australië te gaan rijden? Ik zei ja en ik dacht dat het om te lachen was! Dan zei Moose dat het snel was en vroeg wanneer ik kon vertrekken…”

Een beetje als een huurling dus! Zomaar naar de andere kant van de wereld?
Slegers: “Via KTM Australië en Jeff Leisk –die nog met mijn pa zijn uitlaten GP’s heeft gereden- kreeg ik ter plaatse een 250 tweetakt KTM. Dezelfde motor dus waarmee ik ook hier rijd. Dan heb ik los nog wat motoronderdelen en mijn uitlaat meegenomen. Ter plaatse verbleef ik bij Neil Dunn, ook de organisator van het evenement Willy Thompson heeft nog wat geholpen. Uiteindelijk bleek alles goed geregeld en de mensen hebben me ginder geweldig ontvangen!”

De wedstrijd waar je aan deelneem in Australië was ook niet zomaar een kermiskoers heb ik begrepen.
Slegers: “Dat klopt, de Manjimup 15.000 Motorcross is een echte topwedstrijd ginder! Het is een internationale wedstrijd met sprintraces; 3 races van 6 rondes en de laatste race was 8 ronden. Er was ook nog een eliminator race maar omdat ik nogal wat last had van jetlag heb ik daar niet in meegereden. Het was niet simpel om mij te verweren met een 250 tegen viertakt kanonnen, met bekende rijders zoals Todd Waters, Cody Cooper. Bovendien was de omloop héél snel. Het rijden zelf ging super. Zeker omdat ik de laatste paar maanden in België aan het sukkelen was met veel valpartijen en kleine blessures tot gevolg. Dan kruipt zoiets ook al snel tussen de oren. Gedurende de tijd die ik in Australië was ben ik echter nooit gevallen. Ik heb er qua rijden dan ook een mooie vooruitgang geboekt op het vlak van aanvallend rijden. Dat is in die sprintraces heel belangrijk want als ik afwachtend zou rijden zoals ik in België doe – ik ben eerder een diesel- dan kan je daar niks doen. Ik voelde me er heel goed en ik denk dat het veel met de sfeer te maken had.”

Als je een buitenlandse rijder haalt zou die in principe beter moeten zijn dan de andere beschikbare lokale rijders. Waren er dan geen verwachtingen?
Slegers:
“Ik wist niet goed waar ik aan begon en dat wisten ze ter plaatse ook niet omdat ze mij niet kenden. Uiteindelijk ben ik ook maar een amateur piloot ,maar daar liep het vanzelf! Ik kwam er in een andere wereld terecht, heel gemoedelijk. Die sfeer heb ik nog nooit ergens anders meegemaakt. De toppiloten hebben geen kapsones. Iedereen heeft het gevoel we zijn hier om ons te amuseren. De competitiedrang is er niet of toch nog niet qua sfeer want er werd wel hard gereden. Ik kreeg te maken met blockpasses die toch nogal gespierd waren. Als je dat in België zou doen, dan staat er jou na de reeks 10 man op te wachten met ‘piketten’ in de hand. Maar de piloten die me voorbij gingen met een blockpass kwamen achteraf wel naar me toe: en zeiden je hebt je goed gereden of dat was een mooie race hé! Ik voelde me daar heel erg op mijn gemak. Voor mij was het in ieder geval een goede en aangename leerschool. Je merkte goed dat er veel respect was tussen de rijders onderling. Van de toppers ten opzichte van de minder goden. Een niveauverschil voelde je niet in de omgang. Je staat er gewoon allemaal samen aan de start om te crossen niet als fabriekspiloot of als amateur.”

Komt er nog een vervolg op jouw Australisch avontuur?
Slegers:
“Voor volgend jaar zouden ze me graag de twee lokale Nationals voor de Manjimup 15.000 willen laten meedoen. Dat is nog niet helemaal duidelijk. Dan zou ik voor een week of 3, 4 naar daar gaan. Ik reed in de Allstars categorie waarin alle uitgenodigde piloten meededen waaronder AJ Cantanzaro en Cody Cooper. In de Allstars had je de Allstars en de Allstars Lites. In de Lites klasse mag je met de 250 tweetakt meedoen tussen de MX2 viertakten motoren. Als enige uitgenodigde piloot haalde ik het podium, weliswaar in de Lites maar kom ik was toch fier met die ervaring! Ik heb me rot geamuseerd, en ik heb loon naar werken gehaald. Ter plaatse heb ik ook geprobeerd om het spektakel te verzorgen. Om wat van mijn skills te tonen op de sprongen en zo. Ondertussen ben ik ook uitgenodigd om eind januari een heel grote internationale motorcross te gaan rijden in Nieuw-Zeeland. Dat wordt ook met een 250 tweetakt daar. Gewoon omdat ik een goede en aangename indruk naliet in Australië.”

Begin dit jaar reed je wel op een viertakt?
Slegers: “Vorig jaar heb ik heel de winter mijn voorbereiding gereden op de 450 Yamaha. Een week voor het VMCF kampioenschap begon had ik mijn meniscus afgescheurd. Omdat mijn fysiek weg was, heb ik dan maar besloten om terug op een tweetakt te kruipen. Het was toen de bedoeling om de eerste ronde van de EMX300 mee te doen in Loket. Twee weken voor die wedstrijd heb ik dan mijn voorste kruisband aan dezelfde knie afgescheurd. Op die manier had ik dus twee zware knieblessures op één jaar. Daardoor had ik ook een zware revalidatie. Pas sinds januari ben ik nu terug aan het rijden. Ik ben eerst terug met de Yamaha beginnen rijden want in december was er bij me thuis in gebroken: mijn motor van vorig jaar was gestolen. Jimmy Verburgh heeft me een nieuwe Yamaha bezorgd. Daarmee had ik mijn eerste wedstrijd in de VMCF gereden, ik werd direct tweede en het ging echt super. Jimmy heeft me vervolgens voorgesteld om voor FMX4ever te rijden waardoor ik dus ook door hem wordt gesteund en nu op een KTM rijd.”

Beschouw jij jezelf als een tweetaktspecialist?
Slegers: “Ik denk niet dat ik in mijn hele carrière géén volledig jaar op een viertakt heb gereden… Vanaf mijn 18 zit ik nu al op een 250 tweetakt en dat is nu ook al vijf jaar geleden. Er is ook de link met het uitlatenmerk van mijn vader (red. PPS). Behalve het plezier van het rijden met de tweetakt gaat het dus ook om de promotie van onze producten. Tweetakt zit in mijn bloed, het zou spijtig zijn als het verdwijnt. Niet iedereen verkiest een viertakt trouwens. Ik werk liever met de motor, je hebt ook meer gevoel over wat er gebeurt of als er iets mis is. Doordat ik voor mijn plezier rij is de keuze ook snel gemaakt. Met een tweetakt amuseer ik me gewoon meer! Veel mensen zeggen me wel eens: ge kunt niet mee met uwe twee-en-halfke tweetakt tegen die 450s. Als ik er geen plezier meer in heb dan stop ik met crossen. Om zomaar wat rond te rijden is motorcross te duur en te gevaarlijk. Daarnaast is een tweetakt ook financieel wat interessanter. Als het blok van een viertakt kapot vliegt, kijk je direct tegen berg kosten aan.”

Het is ook wel cool om jongere rijders zoals jij, met een moderne stijl, met een tweetakt te zien rijden. Je moet geen vintage of EVO piloot zijn om dat gevoel te waarderen.
Slegers:
“Zeker, ondertussen zijn er ook enkele van mijn kameraden die zijn overgestapt op een tweetakt. Die zijn allemaal heel tevreden over die keuze. Het fysieke aspect dat je moet werken vind ik fijn, die typische trillingen, het geluid –zeker met de uitlaten die wij maken- eigenlijk alles. Om zo’n sjiek geluid te krijgen hebben we heel hard gewerkt. Telkens als ik dat geluid hoor, bijvoorbeeld als ik een filmpje van mijzelf zie dan krijg ik kippenvel van het geluid alleen al en dan is er nog die speciale geur!”

Junior of niet deze crash op de AMPL in Gèves was XL!

Maak je zelf ook uitlaten?
Slegers:
“Dat ben ik nu aan het leren al is het geen gemakkelijk proces. Het lassen gaat wel heel goed, de moeilijkste aspecten zijn het uittekenen en het ontwikkelen van een uitlaat. Hoe kan je ‘m beter maken? Mijn papa zit daar bij wijze van spreken al 50 jaar in. Dat vergt heel veel moeite. Ik doe er misschien nog te weinig moeite voor. Aan de andere kant is het ook niet altijd zo simpel, de vader-zoon relatie als werkrelatie dan dat is niet altijd de gemakkelijkste! Uiteindelijk is het wel mijn doel om volledig mijn eigen uitlaat te kunnen maken ook voor oldtimer motoren bijvoorbeeld. Op die manier kunnen we ook dat vakmanschap verderzetten.”

Sportief lijkt het wel een seizoen op twee snelheden. Wat zijn jouw doelen nog?
Slegers: “Ik had me eerst voorgenomen om de EMX300 te rijden, maar die eerste wedstrijd in Teutschenthal viel tegen. Door verschillende valpartijen, doordat ik wat stress had en ook gewoon omdat ik fysiek niet in orde was. Daarna heb ik ook besloten om niet mee te doen in Ottobiano. En na mijn zware val op de AMPL in Gèves had ik echt tijd nodig om terug op mijn plooi te komen. Dat heb ik de voorbije weken wel gevoeld. Ook zo stom om op die manier te vallen! Julien Bill nam gewoon onnodige risico’s. Belachelijk, we zijn allemaal amateurs die ons willen amuseren… Toch heb ik dit jaar goede wedstrijden gehad in de VMCF. Mijn doel is toch om in de eindstand toch het podium te halen.”

Zijn er in de VMCF nog wedstrijden waar je naar uitkijkt dit seizoen?
Slegers: “Ik weet dat er nog enkele mooie omlopen zitten aan te komen, zoals ‘het Fort’ in Koningshooikt bijvoorbeeld. Mij spreken vooral de technische circuits aan, met hoogteverschillen en zo. Op de patattenvelden heb ik het niet zo begrepen maar we gaan allemaal moeten samenwerken om die mooiere sites nog beschikbaar te houden voor de cross. Als dat niet lukt dan vrees ik dat er niets anders over blijft dan patattenvelden.”

Zo is het! Bedankt voor het toffe gesprek en bedankt voor jouw tijd Junior.
Slegers:
“Jullie bedankt. Ik zou graag ook mijn sponsors onder de aandacht willen brengen: FMX4Ever en Jimmy Verburgh, Jokal lettering, Hoydonckx, MB Tuning, Haan Wheels, Bosporus, Owen en Spirit Suspension natuurlijk.”

Zin gekregen in live spektakel?
Dit weekend zijn Junior Slegers en zijn VMCF collega’s te zien op’t Zwaanhof in Komen.

Foto’s: BresarMXpics, Gfox, Hahn

Uw reacties