Guillem Farres leidt het WK MX2 overtuigend, Camden McLellan pakte in Lommel een schitterende zege en staat momenteel derde. Dat het seizoen positief verloopt voor het Triumph Factory Racing team, is zacht uitgedrukt. Teammanager Vincent Bereni blijft echter gefocust op het einddoel: de wereldtitel MX2.
Teameigenaar Thierry Chizat-Suzzoni en teammanager Vince Bereni hebben hun project met Triumph, na een bitterzoet afscheid van Kawasaki, helemaal op kruissnelheid. In het derde WK-jaar van de Britse fabrikant zijn ze zelfs uitgegroeid tot dé referentie.

Farres en McLellan zijn samen goed voor 16 reekszeges, meer dan alle overige reekswinnaars samen. Met 7 GP-zeges op 14 tekende het Triumph-fabrieksteam voor precies de helft van alle GP-overwinningen. Ook in de constructeursstand deelt de Frans-Nederlands-Britse combinatie de lakens uit.
Met andere woorden: de fabrikant uit Hinckley overvleugelt de concurrentie op z’n KTM’s. Die vergelijking kan Vincent, zeg maar Vince, niet ontgaan zijn. De kleine Fransman begon zijn GP-carrière als monteur van Pascal Leuret. Daarna was hij onder meer aan de slag bij Red Bull KTM in Europa en JRD Motorsports KTM in de Verenigde Staten. Elke stap bracht nieuwe kennis en meer verantwoordelijkheid.
Meer succes volgde bij het Pro Circuit Kawasaki van Mitch Payton, vooraleer hij terugkeerde naar Europa. Na een rol bij het hoog aangeschreven Akira Technology, partner van een resem teams en tal van industriële projecten, ging hij eind 2014 in zee met Chizat-Suzzoni, die net Ryan Villopoto had aangetrokken. Om maar te zeggen: Bereni weet waarover hij praat en heeft al één en ander meegemaakt.

Voor de derde keer op rij hadden jullie beide rijders op het podium. Hoe kijk je terug op de GP in Lommel?
Vince Bereni: “Ik ben heel blij met alles wat we dit weekend gedaan hebben. Het team heeft schitterend werk geleverd en beide rijders presteerden sterk, dus veel meer kan ik niet vragen. We hebben opnieuw heel belangrijke punten voor het WK gescoord. Guillem (Farres) heeft zijn voorsprong vergroot, Camden (McLellan) heeft de kloof naar de tweede plaats verkleind, en dat is een superpositief resultaat. Maar we moeten hard blijven werken en gefocust blijven op het kampioenschap.”
Vorig jaar was het nog nét niet voor McLellan, die in de Vlaamse GP tweede werd na Kay de Wolf. De regelmaat waarmee hij in Lommel uitpakte, sprak boekdelen over zijn progressie.
Bereni: “Absoluut. We kennen Camdens reputatie in het zand, maar vandaag toonde hij dat hij ook zijn emoties volledig onder controle had en dat hij er stond wanneer het moest. Bovendien lag de baan er dit weekend bijzonder zwaar bij. Ik ben heel tevreden over beide rijders. Van de eerste training op zaterdag tot en met de kwalificatiereeks hebben ze allebei fantastisch werk geleverd. En dan als team eerste en tweede worden in Lommel, dat is een ongelooflijk resultaat, want dat zie je zelden.”

Op technisch vlak valt op hoe constant jullie presteren op alle soorten banen en ondergronden.
Bereni: “Klopt. Lommel is altijd een van de zwaarste wedstrijden van de kalender, zowel voor de motor als voor de rijders. Dat zien we al een heel jaar, en zeker in de tweede seizoenshelft. Montevarchi was heel veeleisend, een ouderwets circuit met extreem weinig grip, waardoor de afstelling van de motor bijzonder belangrijk is. Van Zuid-Afrika wisten we op voorhand niet goed wat we konden verwachten. Het was een heel snel parcours, erg Amerikaans van stijl. Loket is ook een heel veeleisend circuit, zeker op het vlak van chassis. Het was er warm, de baan bood bijzonder weinig grip en snelheid meenemen door bepaalde secties was daar de sleutel. Ik denk wel dat we een heel goede basisafstelling hebben, die de rijders veel vertrouwen geeft. En als je dan eerste en tweede eindigt, of als elke rijder een reeks wint, dan onderstreept dat alleen maar hoe competitief de Triumph TF 250-X is.”

Farres toont zich heel matuur en beheerst in de manier waarop hij de voorbije maanden zijn wedstrijden aanpakte.
Bereni: “Dat is een constant leerproces, maar natuurlijk heeft hij nu het momentum mee. Als het nodig is, blijft hij kalm en rijdt hij zijn eigen wedstrijd. Je zag ook hoe goed hij in Loket met de extra druk van de rode leidersplaat omging. Om zo ver te geraken heeft iedereen ontzettend hard gewerkt en veel aandacht besteed aan de details, waardoor we ook in zware omstandigheden competitief zijn. We bewijzen als groep dat we echte titelkandidaten zijn, en het is mooi om al dat harde werk te zien renderen. Ook als team streven we de juiste mentaliteit na. Guillem leidt nu het kampioenschap, maar we hebben eerder al in die positie gezeten met Camden, dus er is geen enkele reden om ons te laten meeslepen. Het is mooi om de rode leidersplaat te hebben, maar het kampioenschap is nog lang. We moeten gefocust blijven, hard blijven werken en bij de zaak blijven.”

Voor Triumph is dit niveau van succes heel nieuw. In het eerste seizoen eindigden jullie vierde in het constructeurskampioenschap, vorig jaar opnieuw vierde, op enkele punten van Yamaha. Nu staan jullie op kop.
Bereni: “We hebben dit jaar al enkele historische mijlpalen neergezet: dubbele reekszeges voor beide rijders, twee man op het podium… Dat is een geweldig gevoel voor het team. Iedereen achter de schermen verdient daar waardering voor, van de mensen op kantoor tot de truckchauffeurs. Iedereen werkt hard om deze resultaten te bereiken. En het gaat er ook om hoe we met tegenslagen omgaan. Zowel Guillem als Camden tonen zich mentaal sterk om terug te komen als het even tegenzit. Dat iedereen constant op hoog niveau presteert, zorgt natuurlijk voor veel momentum voor het hele team.”
Tekst: Tom Jacobs
Foto’s: Ray Archer











