Published On: 8 september 2026

Brent Van Doninck en teammaat Alberto Forato zijn er niet bij tijdens de laatste twee GP’s. Voor Van Doninck komt daarmee voortijdig een einde aan een bijzonder moeizaam seizoen. Wij spraken met Brent, die bijna hersteld is van zijn zware val in Zweden vorige maand.

Bij de start van de tweede reeks in Uddevalla liep het fout voor de Fantic-fabrieksrijder. Van Doninck brak daarbij vier ribben. Een hard verdict voor de 30-jarige Herentalsenaar, die meteen een kruis mocht maken over zijn WK-campagne.

Hoe verloopt het herstel?
Brent Van Doninck: “Goed, het is natuurlijk een blessure waarvan je lang de naweeën voelt. Maar ik mag weer mountainbiken en het duurt ook niet lang meer vooraleer ik weer met de motor mag trainen.”

Voor het seizoen was je erg enthousiast om opnieuw op een Yamaha te rijden. Zoals bekend is de Fantic XXF 450 gebaseerd op de Yamaha YZ450F. Dan kan je niet anders dan zwaar teleurgesteld zijn over het afgelopen seizoen?
Van Doninck: “Absoluut, het was ontzettend lastig. Ik heb nooit mijn draai gevonden op deze motor. Eigenlijk voelde ik me de hele tijd oncomfortabel. Terwijl ik in het verleden wel sterk presteerde op Yamaha. Fysiek begon ik heel sterk aan het seizoen, ik denk dat ik nooit fitter ben geweest dan dit jaar. Dan begrijp je dat dit heel frustrerend was.”

Nochtans kwam jouw teamgenoot Alberto Forato wel uit de verf op de Fantic. Hij zette enkele mooie resultaten neer.
Van Doninck: “Klopt, ik kan moeilijk inschatten waar het verschil zit. Natuurlijk zijn we heel andere rijders. Hij heeft ook een totaal andere lichaamsbouw, maar waarom haalde hij wel zijn niveau en ik niet? Samen met het team hebben we wel alles geprobeerd om oplossingen te vinden. Dat siert het team, al is het ook heel belastend als rijder. Op den duur voelt elke GP aan als een lange test waarin je toch weer andere dingen probeert.”

Hoe lastig is het dan om met goede moed en een open geest aan een GP-weekend te beginnen?
Van Doninck: “Mentaal is dat ontzettend zwaar. Op een gegeven moment zijn alle recepten en pistes op. Dan probeer je er gewoon het beste van te maken. Als je de motor niet kan veranderen, moet je dan je rijstijl maar aanpassen. Als je weet dat er zoveel meer in zit maar je bent constant aan het vechten, gaat dat ook onvermijdelijk aan je zelfvertrouwen knagen. Je maakt fouten, valt vaker. Mentaal was dit lastiger dan moeten vechten met een blessure.”

Door de onvoorspelbaarheid? Voor de buitenwereld valt er moeilijk een lijn in te trekken, want je behaalde ook top tien-noteringen. In Loket werd je in één reeks zevende.
Van Doninck: “Niet weten wat te verwachten, is zeker een belangrijke factor. Tenzij je let op de rijstijl en mijn gevoel erbij haalt, krijg je eigenlijk ook niet het volledige beeld. Die betere resultaten kwamen er na een goede start, waarin ik me naar een deftige uitslag vocht, telkens één lange worsteling. Zelfs in die wedstrijden reed ik nooit met een goed gevoel. Ik weet dat ik niet de enige ben die het moeilijk heeft met dat rijgedrag van de Yamaha. Kijk naar de moeilijkheden van Jago Geerts vorig jaar. Ook voor Tim Gajser en Maxime Renaux, toch de Yamaha-fabrieksrijders in de MXGP, liep het dit jaar moeizaam. Eén op één vergelijken is moeilijk, want zij hebben een nieuwere generatie frame dan wij. Maar toch.”

Fantic ging de samenwerking met JM Racing op een roze wolk in. Glenn Coldenhoff legde in 2025 de gevestigde waarden het vuur aan de schenen en werd zelfs derde in het WK, toen nog met de structuur van Louis Vosters. Dat maakt het contrast nog groter.
Van Doninck: “Klopt. Glenn voelde zich helemaal in zijn sas op de Fantic, al was het voor Brian Bogers ook zoeken. Aan de andere kant heeft Fantic in korte tijd ook al heel veel bewezen, denk maar aan hun resultaten in de EMX of in de enduro. Daardoor was het hele team deze winter supergemotiveerd. Jammer genoeg is het er voor mij niet uitgekomen.”

Je beste resultaten dit jaar kwamen tot stand op harde banen. Ik kan me voorstellen dat het een zware klap is als zandspecialist wanneer die hoogtepunten er dan niet uitkomen.
Van Doninck: “Ik ben altijd een zandrijder geweest. Daar kan ik het meest het verschil maken, dat lukte nu totaal niet. Ik keek erg uit naar de GP van Lommel, maar het werd de zwaarste domper van het jaar. Net als je familie, vrienden en supporters daar zijn. Op zaterdag ben ik zes keer gevallen. In de kwalificatierace zat het erop na drie ronden. Ik ben direct naar huis gereden en ik wilde even niemand meer zien. Gewoon om te bekomen. Je laadt je dan op om er ‘s anderendaags het beste van te maken, maar het liep voor geen meter. Ik werd er 15de en 16de en je weet dat er met een andere motor zoveel meer mogelijk is…”

Wat betekent dit voor 2027?
Van Doninck: “Op dit moment is het afwachten wat de mogelijkheden zijn. Iedereen praat met iedereen. Uiteraard is er ook een open lijn met Jacky Martens om verder te gaan met mijn huidige team. Bovendien moeten ook nog enkele toprijders een plaats vinden. Dat is op zich niet nieuw, maar er zijn ook nog opvallend veel teams die niet weten waar ze aan toe zijn voor 2027! Dat er enkele Chinese merken hun intrede maken, is dan wel weer positief. Hoe het met Fantic verder moet in de MXGP is nog niet duidelijk. Ik bedoel maar, makkelijk is deze periode nooit, maar ook economisch zijn het pittige tijden. Een volledig WK afwerken wordt er niet makkelijker op, om het zacht uit te drukken.”

Je behaalde podiums in de MX2, je bent een vaste waarde in de MXGP met 165 GP-starts op de teller. Je eindigde twee keer 4de in de Motocross of Nations. Hoe ervaar jij die onzekerheid van die stoelendans? Op het moment dat de beslissing nog moet vallen voor volgend seizoen, begint in principe jouw voorbereiding al?
Van Doninck: “In de praktijk weet je dan in oktober of ten laatste november waar je aan toe bent. Het lastigste is echter dat je na een lang seizoen nooit echt tot rust komt in je hoofd. Op het moment dat je er normaal even tussenuit gaat op vakantie, even de knop omdraaien, zit je nog steeds in onderhandeling over het volgende seizoen.”

Wat zijn de prioriteiten voor jou in die beslissing over een nieuw team?
Van Doninck: “Dat er een goede structuur is, stabiliteit en een visie op lange termijn. Daarnaast wil ik ook kunnen blijven werken zoals ik dat gewend ben, vanuit België met mijn mensen om me heen. Ik wil bijvoorbeeld graag verder met Jens Hendrickx als fysieke trainer. Hij was eerder al mijn kiné en sinds dit jaar doet hij het hele pakket. Ik ben 30 jaar, ik cross nog altijd even graag als in mijn eerste seizoen in de GP’s. De goesting om te trainen is groter dan ooit. Met een motor die me ligt, heb ik zeker mijn plaats in de MXGP. Over mijn capaciteiten heb ik geen enkele twijfel. Ook een motor ontwikkelen of testwerk schrikken me niet af.”

Op welke manier ga je eraan beginnen als je terecht zou komen in een project met een compleet nieuwe fabrikant?
Van Doninck: “Je moet er dan sowieso met een andere ingesteldheid aan beginnen. Als alles nieuw is, weet je dat het normaal is dat je zal uitvallen met een technisch probleem hier en daar. Dat hoort erbij. Op dat moment ligt jouw focus als rijder niet exclusief op het behalen van het best mogelijke resultaat. Je wil vooruitgang boeken en er meer voor zorgen dat de motor en het team beter worden. Als ervaren rijder is dat een mooie uitdaging.”

Geen GP in China of Australië. Zit het er dan op qua wedstrijden voor jou dit jaar?
Van Doninck: “Wat betreft geplande races wel. Aan de andere kant ben ik wel hongerig om terug op de motor te stappen. Die fitheid heb ik trouwens nodig om een motor te testen als een mogelijkheid zich aandient. En ook de situatie met het Belgische team voor de Motocross of Nations blijft nog een open vraag. Raakt Lucas Coenen op tijd fit? Voor de MXGP is Jago (red. Geerts) nog een wisseloptie, maar ik wil in ieder geval klaar zijn als mijn land me nodig heeft. Zomaar ‘efkes’ van de bank komen voor de grootste race van het jaar is geen optie!”

Tekst: Tom Jacobs
Foto’s: Fantic Factory Racing