Interview Mark Boot

Decrease Font Size Increase Font Size Text size Print

In de showroom en werkplaats van CPB motoren staan de bekers van Mark Boot (18) letterlijk rijen dik. CPB motoren uit Bergh-Haamstede is dan ook niet zomaar een sponsor voor de jonge Zeeuw, want hier zwaait pa Eddie de plak! De MX-microbe heeft de familie Boot ondertussen goed te pakken. Mark zelf kon naar verluidt eerder crossen dan fietsen, drie en half was ie toen. We weten niet hoe dat nu zit met het fietsen, maar hard crossen kan Mark in ieder geval. Zeker in het zand!

Zondag sta je aan de start tijdens de  jaarlijkse Kerstcross in Stekene (België)  op een omloop die je moet liggen?

Mark Boot: Inderdaad, die losse ondergrond van een ééndagswedstrijd spreekt  enorm aan! Zeg maar de maïscrossen. De Kerstcross is altijd heel gezellig, daarom wilden we er ook dit jaar opnieuw bezig zijn.  Het is ook al van de mini-GP in Lierop geleden dat ik nog heb gereden. Voor ons doen is dat best lang. En ik moet zeggen dat het kriebelt om er weer in te vliegen!

Tijdens de 3-uurs wedstrijd eind oktober in Axel werd je nog tweede na Jurgen Wybo, een leuke ervaring?

Mark Boot: Ja echt super, de wedstrijd was trouwens prima georganiseerd. Natuurlijk wilde ik in een zo goed mogelijk team zitten,  (lacht) maar dat bleek niet zo simpel. Glenn Van Vugt kende ik nog van toen hij bij de jeugd in de KNMV reed. Dus dat was prima en dan kwam Jordi Van de Wiele er nog bij. Nou, Jordi is ook snel alleen is hij soms wel eens roekeloos! Toen hij uit viel en ik moest zeg maar koud weer op de motor… dat was minder. Zo’n endurance race is verder wel heel leuk om te doen.

Boot op het podium in Beervelde, geflankeerd door Wybo (links) en Bobkovs (rechts)

Je reed niet zo vaak in Nederland dit seizoen.  Waarschijnlijk ben je bekender in België dan in Nederland?

Mark Boot: Zo zou je het kunnen stellen. Ik had er geen trek in om in Nederland te rijden. Natuurlijk speelt het overal een rol als je veel geld hebt om het beste materiaal te kopen en zo, maar ik vind de sfeer tijdens de ONK’s zo opgeblazen. In België gaat het er rustiger aan toe. Voor een BK staat er ook flink wat topmateriaal aan de start, toch is de sfeer in België gemoedelijk. Bovendien kom ik er nog wat jongens tegen met wie ik in de jeugd nog heb gereden. Ik vind het fijn zo.

Je begon het seizoen met een verrassing: winst in de eerste Radson MX2 Trophy in Beervelde?

Mark Boot: Ja, die zandgroeve in Beervelde was me ook helemaal op het lijf geschreven. Zoals ik al zei op dat soort zanderige ondergrond ben ik opgegroeid! Om dan als leider van het kampioenschap te starten, bracht toch wat druk met zich mee. Met name de tweede helft van het seizoen viel wat tegen. Ik had soms wat pech, een lekke band, mechanische problemen ook, bovendien zat ik ook wat met mezelf in de knoop waardoor ik mijn starts miste. Als het tussen de oren niet goed zit, kan je niet presteren. Er had meer in gezeten dan die zesde plaats in de eindstand van het BK. Al moet ik vooral sneller worden op harde banen. Jongens als Nick Triest en Jeremy Delincé die hebben van jongsaf op dat soort banen gereden en dat merk je.

In 2010 zien we je weer in België?

Mark Boot: Dat is zo, we gaan weer VMCF rijden, gecombineerd met de BK wedstrijden. In de VMCF kom je meestal ook op zaterdag aan rijden toe en dat is een prima training. Ik heb ook het gevoel dat ik wel wat vooruitgang heb gemaakt op harde banen. Nu komt het er op aan om die zelfverzekerdheid op de motor vast te houden. Het zit ‘m zo vaak tussen de oren hé!

Boot in actie op zijn favoriete ondergrond: zand!

Mark in actie op zijn favoriete ondergrond: zand!

Je hebt een mooi palmares met onder andere de Nederlandse titel 85cc (2006). Jammer dat je dat niet internationaal hebt kunnen tonen?

Mark Boot: In 2006 heb ik op aanraden van Harry en Stefan Everts meegedaan aan het Junior WK 85cc in Finland. Eén reeks werd ik 11de en dat was niet verkeerd aangezien ik erg weinig internationale ervaring had! Weet je, we hebben geen grote sponsor of zo. Ik zit ook niet in een team en dan is het gewoon onmogelijk om internationale races te doen. Mijn vader heeft al héél erg veel gedaan voor de cross. Dat is nu niet anders trouwens, We doen er allebei een baantje bij: een krantenwijk. De motorzaak moet ook draaien als je weg bent om te reizen. Als we dat allemaal moeten opvangen, moet je telkens een heleboel mensen optrommelen…

In de lokale krant (Provinciale Zeeuws krant) passeert wel eens motorcross. Hoe staat het met de populariteit van MX bij jullie?

Mark Boot: Ja, dat klopt we hebben wel een goede verslaggever met Herman Heuvink. Hij schrijft ook vaak over zijspan motorcross. Een MX-paradijs kan ik het hier jammer genoeg niet noemen! Iedereen in het dorp weet wel dat ik cross, maar het leeft toch niet zoals in Vlaanderen hoor.  Grote eetfestijnen, supportersclubs, dat kennen we hier allemaal niet. Hier is het al voetbal dat de klok slaagt. Op de lagere school werd altijd heel lacherig gedaan over motorcross. Zo van: ja dat zal allemaal wel. Zitten en gas geven zeker. Pas op de middelbare school toen er jochies aan brommers begonnen te prutsen, waren er een paar die het toch een beetje cool vonden. Ach ja…

Wil je nog iemand bedanken?

Mark Boot: In de eerste plaats denk ik aan mijn vader. Hij staat altijd voor me klaar en hij zorgt er voor dat mijn motor gaat als een speer! Natuurlijk ook mijn moeder, mijn zus en m’n vriendin. En verder alle mensen die voor me supporteren.

Credit foto’s: CDS

Uw reacties